Storage server
Een andere benaming voor een storage server is file server. In het begin van de opkomst van servers was eigenlijk de enige taak die deze servers hadden die van een storage server of zoals ze dat toen veel noemde file server. In de verdere ontwikkeling van taken die een server kon doen zijn webserver, printen en e-mail erbij gekomen.
Voor automatiseringsdoeleinden heeft een storage server een primair doel. Je kunt bestanden met elkaar delen door een centrale ruimte beschikbaar te stellen en daar de bestanden op te slaan en zo te kunnen delen via het netwerk. Deze bestanden kunnen documenten zijn, geluidsbestanden, video, foto’s, afbeeldingen, databases en noem maar op. Deze bestanden staan op deze centrale plek en kunnen benaderd worden door de computers die op het netwerk zijn aangesloten. Men noemt dit principe ook wel client-server. De server is de computer die de data aanbied en de clients zijn de computers die hier gebruik van maken. Een fileserver of een storage server is een server die niet echt belangrijke berekeningen hoeft te doen. De enige en dus belangrijkste taak is het beschikbaar stellen van bestanden. Dit soort producten zijn ontwikkeld voor het beheren van data. Ze moeten in staat zijn dit snel op te slaan en snel weer op te kunnen vragen.
Historisch ontstaan van storage servers
In midden jaren 80 van vorige eeuw kwamen de netwerken in opkomst. Zoals zo vaak waren de multinationals hier als eerste meer maar zo rond 1988 begon dit ook zijn plek te krijgen bij het MKD. Toen was er maar 1 grote speler in die markt, dat was Novell. Het eerste netwerkproduct dat de markt bestormde was Novell met hun Netware. Toen men het succes zag kwamen vele andere fabrikanten op de markt met een fileserver die voor het klein en middenbedrijf bedoeld was. Na al die jaren is er een overduidelijke overwinnaar, Microsoft met hun Windows server produkten. In de beginperiode kwamen er ook lantastic, OS/2 en Unix. Bij de grotere bedrijven was vooral Banyan Vines populair.
In de jaren 90 was het Novell die met hun Netware produkten echt meer dan 50% van de markt beheerste. Wel waren IBM en Microsoft aan een inslagrace begonnen. Vandaag, dik 20 jaar later, is zelfs Novell nagenoeg verdwenen van het toneel. Nu zie je vooral Linux en Microsoft besturingssystemen draaien op fileservers en NAS produkten.
Verschillende types storage servers
Je hebt goedkope storage servers in 2 verschillende uitvoeringen. Non-dedicated of dedicated. Ik vind de Engelse term meteen duidelijk. Dedicated, alleen voor deze taak bedoeld, zo zou je het vrij kunnen vertalen.
Je kunt bestanden via internet uitwisselen middels File Transfer Protocol. De afkorting hiervan zul je zeker zijn tegengekomen tijdens het surfen, FTP. Je ziet ook veel HTTP. Ik bedoel niet qua webpagina’s want die worden natuurlijk via HTTP aangeboden. Ik bedoel echt als men bestanden aanbied op hun website. Als je een fileserver hebt op je LAN zal het gebruikte protocol Server Message Block zijn van Microsoft. Je ziet dit vaak afgekort terug als SMB. Bij Unix is het meestvoorkomende NFS. NFS is afgekort voor Network File System.
Het ontwerp van storage servers
Je kunt kiezen uit diverse ontwerpen storage servers. Deze keuze maak je aan de hand van de behoeften die de klant heeft. Beschikbare ruimte, snelheid, betrouwbaarheid, gemak onderhoud, beveiliging en natuurlijk budget. We krijgens steeds sneller en vaker te maken dat onze behoefte word ingehaald door de wens. Daarom moet je eenvoudig je systeem kunnen opwaarderen. Zo kunnen bepaalde servers taken over elkaar verdelen om de vraag over verschillende delen te kunnen verspreiden. Het toepassen van deze nieuwe technologien is erg fijn omdat je de mogelijkheid hebt om te groeien. De nieuwe systemen moeten wel een mechanisme hebben ingebouwd die transparante werking garandeert richting de clients zodat deze kunnen blijven werken zonder al te grote investering of inspanning.
De nieuwe apparaten zullen zich vooral verbeteren op het punt van doorvoermogelijkheden, piekmanagement en responsetijden.
NetApp filers kwamen in de jaren 1990 en werden op de markt gezet als gespecialiseerde storage servers. In het begin werd dit produkt door multinationals en grote bedrijven ingezet. Je kunt dit produkt zien als de voorloper op de nu bekende NAS. NAS staat voor Network Attached Storage. Nog gespecialiseerder zijn later de network appliances geworden. Deze storage servers hebben een eigen OS en daarom uitermate geschikt om in te zetten bij grotere oplossingen. Je kunt in sommige wel honderden schijven koppelen. Filers zijn later uitgebreid met iSCSI, toch hebben NAS producten als hoofdzaak file server technology.
Beveiliging van storage servers
Door de aanwezigheid van beveiliging heb je de mogelijkheid om bestanden beschikbaar of uit te sluiten voor gebruikers. In grote bedrijven of organisaties wil je een gedetailleerde mogelijkheid hiervoor hebben. De juiste benaming hiervoor is directory services. Zo heeft Microsoft Active Directory, Novell eDirectory en Unix/Linux LDAP. Banyan Vines had Streettalk.
Veel van Streettalk zie je terugkomen in Microsoft’s implementatie Active Directory. Zo was de beperkende factor van Microsoft’s domeinen de oorzaak dat men overstapte naar Active Directory. Active Directory kun je ook apparaten en computers rechten geven of ontnemen.